This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

PROEFPIJLERS

Wijn proeven is het benoemen van:


  • hoofdsmaken: zoet, zuur en bitter
  • intensiteit: vol of vlak en zwaar of licht
  • mondgevoel: soepel of stroef


en daarna ook:


  • aroma's

3 HOOFDSMAKEN

ZOET

This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

De meeste wijnen zijn droog, dus niet zoet.
De suiker uit de druiven wordt immers tijdens de vergisting omgezet in alcohol.
Als wijnen (half)zoet zijn, staat dat meestal op het etiket.
Halfdroog of lichtzoet = demi-sec, lieblich, feinherb, halbtrocken, moelleux, semi-sweet.
Zoet = doux, dolce, dulce.



Zo komt wijn aan zijn zoete smaak:

  • RESTSUIKER Als een deel van de druivensuiker niet in alcohol wordt omgezet, blijft er onvergiste suiker achter in de wijn. Die zogenaamde restsuiker geeft wijn een zoete smaak.
  • HOOG ALCOHOLGEHALTE Wijnen met meer dan 14% alcohol komen zoeter en warmer over. Alcohol heeft van zichzelf een zoetige smaak.
  • WEINIG ZUUR
    Als een wijn weinig zuren bevat, komt hij zoeter en zachter over.
  • AROMA'S VAN RIJP FRUIT
    Sommige droge wijnen geven toch een zoete indruk. Het zoet komt dan niet van de restsuiker, maar van rijpe en gestoofde fruitaroma’s.
  • HOUTRIJPING
    Rijping op houten vat kan zoetige aroma’s van vanille, kokos en karamel toevoegen. 


PROEF

  • Unoaked Chardonnay naast Oak Aged Chardonnay
  • Franse Syrah naast Australische Shiraz 


ZUUR

Zuren zijn onmisbaar voor een wijn. Zij zorgen voor bite en frisheid en ondersteunen de aroma’s.

Het gaat om lekkere zuren, zoals die in een rijpe appel of een sappige sinaasappel.

Het is van belang dat die zuren in balans zijn met de andere stoffen in de wijn.


PROEF

  • Beaujolais naast Merlot 


This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

BITTER

This video has been disabled until you accept marketing cookies. Manage your preferences here or directly accept targeting cookies.

Een aangenaam bitter in wijn smaakt als het bitter in bijvoorbeeld amandel. Het geeft een wijn pit.

Een harde, ongewenste bittere smaak komt meestal uit onrijpe tannine of een teveel aan tannine.


PROEF

  • Pinot Noir naast Cabernet Sauvignon


TANNINE

Het stroeve gevoel dat sommige wijnen geven, komt van de tannine die van nature in druiven zit. 

In een jonge wijn kan de tannine nog hard zijn; later wordt hij zachter. 


Tannine uit rijpe druiven is doorgaans zacht en geeft de wijn een lekkere bite.


Tannine uit onrijpe druiven smaakt onprettig groen en bitter en droogt je mond uit, net zoals te sterke thee dat doet. De hoeveelheid tannine per druivenras varieert. Cabernet sauvignon bijvoorbeeld bevat meer tannine dan pinot noir.

INTENSITEIT

Smaakt de wijn:


  • vol of vlak
  • zwaar of licht


Intensiteit = het gewicht of de kracht van de wijn.


Intensiteit wordt bepaald door de concentratie van de aroma’s in samenspel met de alcohol, de zuren en het zoet.


Een wijn met tamelijk neutrale aroma’s, normale alcohol en matige zuren heeft een lage intensiteit.

MONDGEVOEL

Hoe voelt de wijn aan in je mond?

  • soepel of stroef

Hoe voelt de wijn aan als je hem in je mond hebt en wat voor gevoel
laat hij achter? Voelt hij strak of zacht, stroef of soepel aan?

Mondgevoel = structuur van de wijn.

Zoete wijn = filmend, zacht gevoel in je mond zoals mayonaise, paté en honing.

Droge wijn met veel zuur =

strak, verfrissend zoals sla en grapefruitsap.


Jonge rode wijn met veel tannine = strak en stroef zoals spinazie.


PROEF

  • Sauvignon Blanc naast Chardonnay
  • Riesling naast Pinot Blanc
  • Cabernet Sauvignon naast Pinot Noir



DUS


Proeven = het benoemen van

  1. hoofdsmaken
  2. intensiteit
  3. mondgevoel aangevuld met de aroma’s.